Afgelopen week werd ik herinnerd aan het feit dat ik – samen met @RuudDullens – precies vijfentwintig jaar geleden voor het eerst naar de Kamer van Koophandel ging met de bedoeling een VOF te starten per 1 januari 1993!

Zonder erfelijk belast te zijn met het ondernemersvirus, zonder specifieke opleiding, zonder verkoopervaring, zonder ondernemersplan en zonder financiering (crowdfunding moest nog uitgevonden worden) dachten wij de lokale markt te gaan bestormen met Stapsgewijs Technisch En Preventief Computer Onderhoud. Ons “VOF contract” werd mondeling bezegeld met de simpele woorden “samen uit, samen thuis”…

Omdat we allebei in loondienst waren, werden verlofdagen gebruikt voor acquisitie en weekenden voor onze diensten. Na zes maanden hadden we voldoende buffer opgebouwd om onze eerste bedrijfsauto te kopen en alvast één dienstverband te beëindigen. Een dik jaar later konden wij beiden van de dienstverlening leven en kwam de moeilijkste (en meest verantwoordelijke) stap in het ondernemerschap: ons eerste personeelslid…

In de jaren nadien volgden enkele honderden medewerkers die (een deel van) hun carrière met ons wilden delen en wij hebben al die tijd getracht hun vertrouwen nooit te schaden. Natuurlijk moesten er risico’s genomen worden, maar altijd in het belang van- en lettend op de continuïteit van de organisatie. Winsten waren bedoeld voor groei , niet voor hobby’s of pensioenen…

In onze cultuur stond de klant op nr. 1 (sorry Richard Branson, maar ik deel jouw visie niet) en dat zag je in alle lagen van onze organisatie terug. Geen wonder dat klanten vaak strategische partners werden die – aan de hand van hun behoeftes – mede de koers van onze organisatie tekenden.

Toch diende zich een moment aan waarin Ruud en ik ons afvroegen of dat boerenverstand nog wel langer gezond was voor zo’n bloeiende organisatie? De organisatie – inmiddels 21 jaar jong – was letterlijk en figuurlijk volwassen geworden! Zijn wij dan nog wel de juiste personen voor de “Next Step”? Dubbend over die exercitie kwamen uiterst gekwalificeerde managers – met ambitieuze ideeën en weloverwogen toekomstplannen – praten. Over hun plannen durfden wij in onze stoutste dromen niet na te denken… Toen wisten wij het zeker: de organisatie verdiende meer dan enkel “boerenverstand”, eerlijk is eerlijk!

Alhoewel?

Wellicht mochten wij het pareltje BlueTea nog behouden? Dat pareltje zelf tot bloei brengen? Weer zelf met de voeten in de (boeren)klei staan? Toch weer samen met de klant op zoek gaan naar creatieve oplossingen voor de uitdagingen van morgen? Door medewerkers naar nieuwe hoogtes laten voeren?

En zo geschiedde…